| De gemeentelijke dialectcommissie 2013-2016, tevens de redactie van deze 3de druk van D’r Dieksiejoneer, brengt in dit hoofdstuk alle inleidingen, voorwoorden en commissiesamenstellingen bijeen, die in de ontstaansgeschiedenis bij de verschillende uitgaven zijn opgenomen. Hierdoor ontstaat er een beeld van het werk en de werkwijze van de verschillende redacties die met liefde voor het Kerkraads dialect een geweldig stuk vrijwilligerswerk voor hun rekening hebben genomen. |
Het voorwoord van J.G. Smeets, burgemeester van Kerkrade, bij de eerste druk in 1987 en bij de 2de druk in 1997
In Kerkrade is algemeen bekend, dat een aantal personen zich al jaren bezig houdt met het tot stand brengen van een Kerkraads woordenboek. Het is nu klaar gekomen en ligt als resultaat van gestage arbeid voor ons en staat ter beschikking van de burgerij en anderen die zich voor het dialect van onze stad interesseren. Het Kerkraads dialect wordt nog vrij algemeen en in alle lagen van de bevolking gesproken. De belangstelling ervoor is de laatste jaren zelfs sterk groeiende. De verenigingen ‘Kirchröadsjer Plat’, opgericht in 1974, en ‘D’r Wauwel’, actief sinds 1980, bevorderen specifiek de interesse voor de plaatselijke taal. De belangstelling van de jeugd hierbij is opmerkelijk en verheugend. De activiteiten van de meer dan vijftig jaar oude Kirchröadsjer Vasteloavendsverain kunnen wij ons alleen maar voorstellen, wanneer deze verbaal hun uitdrukking vinden in het Kirchröadsj. Het aantal publicaties
in het dialect is groot en in de laatste jaren stijgend.
Elke taal en tegenwoordig zeker een dialect, is voortdurend aan veranderingen onderhevig. Dit is een normaal verschijnsel. Toch is het jammer te constateren, dat het dialect vervlakt en dat veel ervan uitsterft. Onze schat aan woorden en uitdrukkingen wordt daardoor steeds kleiner. Men kan de initiatiefnemers en ook hun vele opvolgers daarom niet dankbaar genoeg zijn, dat zij onze Kerkraadse dialectschat voor het nageslacht bewaard en nu gebundeld hebben in een samenvattend geheel, de Kirchröadsjer Dieksiejoneer. De uitgave kan ook gezien worden als een eerbetoon aan deze initiatiefnemers, die ongeveer dertig jaar geleden begonnen zijn vast te leggen, wat zij als de nalatenschap van hun voorouders beschouwden. Zij hebben er bij voortduring aan doorgewerkt, jaar in jaar uit, in een tijd toen hun activiteiten nog beschouwd werden als een vreemdsoortige hobby. Aan hun opvolgers, die het werk met eenzelfde élan hebben voortgezet, danken wij de afsluiting van het opus. Zij hebben op de eerste bladzijde van dit woordenboek een motto laten zetten. Dit moet, gezien het resultaat dat nu voor ons ligt, ingegeven zijn vanuit een te grote bescheidenheid.
Ik hoop in het bijzonder, dat dit woordenboek het schrijven en het spreken van het Kerkraads verder zal stimuleren, mede omdat ons dialect een gemeenschapsbindende factor van groot belang is. In dit opzicht kan het woordenboek even belangrijk zijn als zijn taalkundige betekenis.
Het bestuur van onze stad heeft voor de uitgave een belangrijke bijdrage verleend, waardoor de prijs nauwelijks een beletsel kan zijn om het woordenboek aan te schaffen. Hierbij dient men echter ook te vermelden, dat de arbeid van alle medewerkers in de loop der vele jaren steeds belangeloos verricht is. Het Anjerfonds Limburg zijn wij dankbaar voor de verleende bijdrage. Ik ben er zeker van, dat dit werk, waar zolang naar uitgezien is, met groot enthousiasme ontvangen zal worden.
Mr. J.G. Smeets, Burgemeester van Kerkrade
Kirchroa, óp ’t fes va Tsint-Joeëzef, 1987
Inleiding door de commissie van 1987 bij de 1ste uitgave in dat jaar
Gedreven door de liefde voor hun moedertaal, begonnen enkele kenners van het Kerkraads dialect ultimo 1957 materiaal te verzamelen voor een woordenboek. Het ideaal dat zij voor ogen hadden, was een halt toe te roepen aan de vervlakking die onder invloed van het Algemeen Nederlands optrad. Ook in Kerkrade, waar het dialect vrij goed bewaard is en het grootste deel van de bevolking dialectspreker is, valt ook nu nog te constateren dat met name jongeren hun dialect vemederlandsen omdat zij woorden en uitdrukkingen niet kennen. Het blijkt dat al heel wat woorden in onbruik zijn geraakt of met uitsterven worden bedreigd.
Om de veertien dagen kwam de Kommissiejoeën Kirchröadsjer Dieksiejoneer bij elkaar. De initiatiefnemers waren: Gerhard Frantzen, Friets Ploum, Zef Prevoo, Alex Toussaint en dr. Jos Weijden. Bij hun werk maakten zij gebruik van adviezen van dr. Winand Roukens, zelf Kerkradenaar, die in enige publicaties reeds aandacht had geschonken aan het Kerkraads dialect. Deze verschafte hun ook een proeve van spelling. In de loop der jaren werd de taak van deze werkers van het eerste uur door anderen overgenomen (zie de lijst van medewerkers). De geleidelijk groeiende cartotheek werd vanaf 1973 ondergebracht in het gemeentearchief.
Bij gebrek aan ouder materiaal moest men zich beperken tot het Kerkraads dialect zoals het in de laatste honderd jaar gesproken werd. Door woorden resp. uitdrukkingen voor langvergeten zaken op te nemen, hoopte men bij te dragen tot een betere kennis van oude leefvormen, denkwijzen en gebruiken. Uiteindelijk is de opzet van dit woordenboek veel breder geworden. Klankverschijnselen worden besproken, lijsten van Kerkraadse voornamen en toponiemen zijn opgenomen en niet in de laatste plaats treft men ook een spraakkunst aan. Het duurde tot 1976 voordat de woorden verzameld waren. Er was evenwel nog veel werk aan de winkel. Aan de verzameling dienden nog zegswijzen, spreekwoorden en mijntermen te worden toegevoegd.
Op voorstel van burgemeester mr. J.G. Smeets vond op 3 juni van dat jaar een bijeenkomst plaats, waarvoor alle leraren Nederlands en Duits, werkzaam aan Kerkraadse scholen, waren uitgenodigd. Een aantal van hen bleek bereid medewerking te verlenen aan de verdere bewerking van het materiaal. Namens de gemeente werd Sjef Paulissen als secretaris aan de commissie toegevoegd, welke functie hij ook na zijn pensionering consciëntieus bleef vervullen. Ook werd van gemeentewege financiële steun toegezegd, zodat de uitgave van het woordenboek tot stand kon komen. De eerste vergadering van verzamelaars en leraren vond plaats in oktober 1976. Een herziening van de proeve van spelling van dr. Winand Roukens nam ruim twee jaar in beslag.
Aangezien was gebleken dat werken in die samenstelling veel te veel tijd kostte, besloot men gescheiden verder te werken. Jeu Paffen begon met het verzamelen van de mijntermen, terwijl Friets Ploum zich met de spreekwoorden en zegswijzen bezighield. Louis Amkreutz, Willy Giese en Hans Stelsmann begonnen met het controleren van de verzamelde woorden op de fiches en het op schrift zetten van het materiaal dat nog ontbrak. De laatstgenoemden voltooiden hun werk in september 1984. De commissie van taalkundigen, versterkt met Louis Amkreutz als vertegenwoordiger van de verzamelaars, verwerkte vanaf 1979 het verzamelde materiaal. Na diens overlijden in september 1985 nam Hans Stelsmann zijn taak over. Om efficiënter te kunnen werken werd in 1980 een kleinere werkgroep afgesplitst. Hierin hadden zitting Louis Amkreutz, Leo Wijnen en drs. Joh. Zwanikken. Haar taak was het bewerken c.q. systematiseren van het materiaal, dat gedurende decennia was verzameld. Daarna onderwierp de grotere commissie het resultaat aan een kritisch onderzoek en stelde wijzigingen en correcties voor. Van die grotere commissie maakten, naast de leden van de kleinere werkgroep, deel uit drs. Jo Benders, drs. Thijs Herpers, Lei Heyenrath en Mat Somers. In het voorjaar 1986 werd de laatste hand gelegd aan het woordenboek.
Het is vanzelfsprekend dat geen enkel woordenboek volledig kan zijn. Dit geldt in nog sterkere mate voor een dialectwoordenboek. Niet opgenomen werden bijvoorbeeld technische woorden, met uitzondering van de mijntermen waaraan veel aandacht is besteed; evenmin recente ontleningen aan het Nederlands en veel samenstellingen en afleidingen die naar het oordeel van de commissie voor de hand lagen. Ook abstracte en irrelevante woorden, die niet behoren tot de omgangstaal, zijn in het algemeen vermeden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld voetbaltermen zijn woorden en uitdrukkingen die te maken hebben met de vrijetijdsbesteding van bredere lagen der bevolking, zoals kegelen, kienen, kaarten, kinderspelen en de duivensport, zoveel mogelijk opgenomen.
In het Kerkraads treft men talrijke Duitse woorden aan. Dit kan verklaard worden uit het feit dat deze taal eeuwenlang de taal van school en kerk is geweest. Ook hier is een selectie gemaakt: niet alle Duitse woorden die wel eens ooit in Kerkrade gebruikt worden, zal men aantreffen. Bij de beslissing een woord al dan niet op te nemen, moest persoonlijk inzicht tenslotte de doorslag geven. Vaak heeft men te doen met doubletten, d.w.z. naast het oorspronkelijke dialectwoord verschijnt hetzelfde woord in zijn Duitse vorm. Zo heeft men bijvoorbeeld naast waas het Duitse waks. Soms is het Duitse woord ten dele aangepast: zo gebruikt men naast duvel het bastaardwoord däuvel. Bij de verwijzing hebben wij in de regel de voorkeur gegeven aan de oorspronkelijke vorm, tenzij de Duitse veel gebruikelijker is.
Bij de vertaling van zegswijzen en uitdrukkingen is ernaar gestreefd de gevoelswaarde zo goed mogelijk weer te geven. Bij algehele of nagenoeg gehele overeenstemming met het Nederlands is er gewoonlijk niet vertaald.
Praktische opmerkingen voor het gebruik van het woordenboek
Verschil in intonatie (sleep- en stoottoon) is alleen consequent aangegeven, als het gepaard gaat met verschil in betekenis of vorm. Bijvoorbeeld ’t jraaf sl, d’r jraaf st, d’r daag sl, mv. de daag st.
Bij zelfstandige naamwoorden staat achter het lemma het woordgeslacht, gevolgd door het
meervoud, wanneer dit afwijkt van het meest voorkomende type op –e. Daarna volgt eventueel het verkleinwoord.
Het bijvoeglijk naamwoord wordt gevolgd door de vergrotende en overtreffende trap, indien deze onregelmatigheden vertonen. De verbuiging van het bijvoeglijk naamwoord, indien onregelmatig, wordt met voorbeelden verduidelijkt, bijvoorbeeld fien sl, fienger st, fiengst st; inne fienge st, fieng st, fien sl.
Met betrekking tot de persoonlijke voornaamwoorden zij opgemerkt dat zij in de voorbeelden meestal in de enclitische vorm zijn gebruikt (samentrekking van woord met 2de onbeklemtoond woord). Bijvoorbeeld has te i.p.v. has doe.
Bij de sterke en onregelmatige werkwoorden zijn de stamtijden consequent opgenomen; bij de zwakke alleen, indien er enige onregelmatigheid valt waar te nemen. Wat de vervoeging betreft, verwijzen wij naar de spraakkunst.
Tenslotte moet men nog bedenken, dat het werk aan het woordenboek enige decennia in beslag heeft genomen. Het hoeft dan ook geenszins te bevreemden, dat dit zijn sporen in het werk heeft nagelaten en dat de behandeling van de lemmata, vooral met betrekking tot de voorbeelden, niet overal even consequent is.
De commissie (1987)
Inleiding door de commissie van 1997 bij de 2de uitgave De commissie noemt deze uitgave zelf “De tweede herziene druk”
Bij de tweede herziene druk
Een woordenboek van een levende taal is nooit voltooid, omdat het de ontwikkelingen die de taal doormaakt moet blijven volgen. Daarbij komt dat geen mensenwerk volmaakt is; het behoeft telkens weer correctie, aanvulling.en aanpassing.
Uit de verkoopcijfers van de eerste druk is overduidelijk gebleken welk een enorme belangstelling voor het dialect in en buiten Kerkrade bestaat. Niet minder getuigen hiervan de vele reacties die de Stichting bereikten in de vorm van adviezen en nieuwe gegevens. Ook hebben de studies over diverse facetten van het Kerkraads dialect in Uvver Plat Jekald bijgedragen tot een helderder kijk op de eigenaardigheden van ons dialect. Om deze redenen heeft de Stichting het nodig gevonden de inhoud van het woordenboek aan een kritische beschouwing te onderwerpen. Met dit werk hebben zich belast de heren Herman Hirsch, Hans Stelsmann, Leo Wijnen en Joh, Zwanikken.
De belangrijkste verandering in de nieuwe druk is dat bij de notering van de accentuatie systematisch is uitgegaan van de sleeptoon en niet meer van de stoottoon zoals in de eerste druk. Dit is logischer omdat de stoottoon in veel gevallen, zowel bij de verbuiging als bij de vervoeging, als variant van de sleeptoon optreedt.
De mijntermen zijn aan een nieuw onderzoek onderworpen. Daarbij konden we een dankbaar gebruik maken van de adviezen van de weinige nog levende oud-opzichters uit het mijnbedrijf. Onze bijzondere waardering verdient hierbij wijlen Herman Göttgens. Voor de juiste formulering van technische termen hebben we dankbaar gebruik gemaakt van het aan de mijnbouw gewijde deel van het WLD. (Woordenboek van de Limburgse Dialecten)
Over de sterke invloed van het Duits in Kerkrade, nog in de eerste decennia van deze eeuw, is al vaker gesproken. De commissie heeft het niet meer nodig gevonden alle woorden van Duitse origine, die vrijwel onveranderd waren overgenomen, te handhaven. Ook zijn enkele woorden, waarvan het bestaansrecht ernstig betwijfeld werd, niet meer opgenomen. Hetzelfde geldt voor een aantal voorbeelden, die of volkomen overbodig, dan wel onnodig vrouwonvriendelijk waren.
Er is gestreefd naar een exactere weergave in het Nederlands van de betekenis en de gevoelswaarde van dialectwoorden en -uitdrukkingen. Het aantal trefwoorden en uitdrukkingen kon worden verruimd, de betekenissen gepreciseerd, ingeslopen fouten met betrekking tot het woordgeslacht, de meervoudsvorm, klemtoon enz. zijn weggewerkt.
De spraakkunst die aan de woordenlijst voorafgaat is dezelfde gebleven, op enkele belangrijke wijzigingen in de klankleer en de spelling na.
De commissie is van mening dat de hernieuwde Kirchröadsjer Dieksiejoneer door dit alles een betrouwbaarder gids is geworden voor ieder die zich met de studie van de dialecten bezighoudt, zonder dat hij daarbij iets van zijn prettig en volks karakter heeft ingeboet.
Teneinde voor niet-Kerkraadse gebruikers van het woordenboek het opzoeken van een woord te vergemakkelijken, is achteraan een beknopte woordenlijst Nederlands-Kerkraads toegevoegd. De commissie heeft zich bij het opstellen van de lijst beperkt tot die woorden die in hun vorm nogal sterk afwijken van de Nederlandse equivalenten. Enkel de grondwoorden zijn vermeld, niet hun samenstellingen en afleidingen, tenzij deze een specifieke betekenis hebben. Nadere gegevens over de opgenomen woorden kan men vinden in de alfabetische woordenlijst.
De Stichting heeft voor de illustraties een andere tekenaar aangetrokken, namelijk de heer Frans Savelsbergh. De nieuwe tekeningen zijn naar haar oordeel juister en exacter, vooral wat betreft in onbruik geraakte voorwerpen en activiteiten. De Stichting hoopt met deze heruitgave velen een dienst te bewijzen en zal eventuele opmerkingen en aanvullingen graag in ontvangst nemen.
De commissie, Kerkrade 1997
| In de jaren voorafgaand aan de concrete plannen om te komen tot een Kerkraads woordenboek functioneerde een stichtingsbestuur van de Stichting Kirchröadsjer Dieksiejoneer. Hieronder volgen twee lijstjes met namen. De eerste lijst bevat de namen van het stichtingsbestuur. Deze stichting is in 2012 opgehouden te bestaan.In 2012 was Drs. Jo Benders nog het enige actieve lid van het stichtingsbestuur. De overige leden waren intussen met hun werkzaamheden gestopt of overleden. In overleg met de gemeente Kerkrade is in 2012 de stichting opgeheven. De tweede lijst bevat de namen van alle medewerkers aan de totstandkoming van d’r Dieksiejoneer vanaf 1958 tot 1997, het jaar waarin de 2de herziene druk verscheen. |
Leden van de Stichting Kirchröadsjer Dieksiejoneer
Drs. Jo Benders
Herman Hirsch
Mr. Jo Smeets
Mat Somers
Hans Stelsmann
Hilde Thomas-Pütz
Leo Wijnen
Drs. Joh. Zwanikken
Medewerkers aan D’r Kirchröadsjer Dieksiejoneer vanaf 1958 -1997
L. (Louis) Amkreutz, 1974-1985
G.J. (Jo) Bemelmans, 1962-1973
Drs. J.J.L. (Jo) Benders, 1976-1997
Drs. N.H. (Claus) Bischoff, 1963-1965
G. (Gerhard) Frantzen, 1958-1970
E.J. (Guus) Gerards, 1965-1971
W. (Willy) Giese, 1965-1987
W.H. (Hein) Hermans, 1962-1966
Drs. M.E.J. (Thijs) Herpers, 1976-1983
L.J.A. (Lei) Heyenrath, 1976-1980
H. (Herman) Hirsch, 1988-1997
L.J. (Jeu) Paffen, 1967-1983
J.W.J. (Sjef) Paulissen, secretaris, 1976-1987
RW (Friets) Ploum, 1958-1981
P.J. (Zef) Prevoo, 1958-1964
M.J.M. (Mat) Somers, 1976-1997
H.P. (Hans) Stelsmann, 1971-1997
H.J. (Jozef) Sterk, 1962-1963
A.J. (Alex) Toussaint, 1958-1963
Dr. M.H.J. (Jos) Wedden, 1958-1965
L.W (Leo) Wijnen, 1980-1997
Drs. J.G.C. (Joh.) Zwanikken, 1976-1997
